Vegaburgers

Echte vegetariërs halen er een beetje hun neus voor op, voor vegaburgers. Daar zijn deze vegetarische happen net iets teveel vleesvervangers voor. Een echte vegetariër wil geen vervanging voor vlees. Vleesloos eten is, naast een vaak weloverwogen keus, een tweede natuur geworden en daarin is geen plaats voor een product dat zijn best doet op vlees te lijken, naar vlees te ruiken en te smaken.

Ook echte vegetariërs laten zich echter wel eens verleiden tot het eten van een vegaburger, net als veel beginnende vegetariërs en mensen die minder vlees willen eten. Maar zijn ze ook lekker, die vegaburgers?

Dat onderzocht een smaakpanel van ‘Leven en laten leven’, het tijdschrift van de Nederlandse Vegetariërs Bond. Met smaak en minder smaak werden in totaal zes vega- en kaasburgers verorberd, onder toeziend oog van de als keurmeester aangetrokken chefkok van restaurant Oibibio, Ron van Schaik. Opvallend was de magere productinformatie; van vier burgers werd de samenstelling niet op de verpakking vermeld.

Productinformatie of niet, van de geproefde kaasburgers beviel die van Vivera het best: een 6,5 en volgens de verpakking met ‘soja-eiwit op basis van moderne biotechnologie’, op de voet gevolgd door de cordon blue van Tivall, die met een 6,2 ook voldoende scoort. De geproefde tweede, merkloze, cordon blue kunt u maar beter in het schap laten liggen. Met een magere 4,9 kon die het proefpanel niet bekoren.

Van de gewone burgers won de vegetarische filet van Quorn met glans met 7,5, gevolgd door de groenteschnitzel van Tivall (7,1), een merkloze burger (6,8), een burger van Vetara (6,2), de biologische groentencarre van De Vuurdoop (6,0), met op de zesde en laatste plaats de ‘vega quarterburger’ van Morningstars Farms (5,4).

Na afloop verzuchtte Van Schaik: ‘Laat ze stoppen met die imitatiedingen. Dan serveer ik liever in dille gemarineerde tofu bij de warme maaltijd. Dat is een integer product en je ziet wat je eet.’

 

Tofu met dille
Oibibio zocht het recept voor ons op, maar had het niet meer in de computer staan. Daarom bedachten ze het voor de tweede keer.
Gang: bijgerecht
Keuken: veganistisch, vegetarisch
Porties: 4
Ingrediënten
  • 1 bosje dille
  • 2 eetlepels olijfolie
  • 1 theelepel mosterd
  • 1 theelepel suiker
  • peper
  • zout
  • 1 eetlepel citroensap
  • 1 blok tofu groot
Bereiding
  1. Snij de dille fijn en maak een papje van de dille, olijfolie, mosterd, suiker, peper en zout en citroensap. Snij de tofu in plakken van een halve centimeter of minder. Bestrijk een plakje met het dillemengsel, leg daarop weer een plakje tofu en ga zo door tot tofu en smeersel op zijn. Leg het bouwwerkje in een schaal met een bord erbovenop, zodat het bord druk op het stapeltje uitoefent. Laat het 24 uur marineren. Verwijder vervolgens de dille en snij de tofu in reepjes.

Notities

Lekker door een eenvoudige salade.

 

Deze tekst is gepubliceerd in de Volkskrant van 15 december 1999

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *